Blogs VROUW.nl (25 – 31 januari 2014)

Vrijdag – Risico’s nemen

Wedstrijdskiën betekent constant risico’s nemen. De risico’s zitten ‘m niet in blessures. Natuurlijk kan dat wel gebeuren maar daar ben ik eigenlijk nooit mee bezig.
De risico’s neem ik in die zin dat ik zo snel mogen door die poortjes wil, waarbij de kans bestaat dat ik daarbij mijn balans verlies of dat de poortjes zo snel op me af komen dat ik het niet kan bijhouden in mijn beweging.

Risico nemen is eigenlijk een beslissing nemen waarvan je de gevolgen niet precies kan inschatten. Het is dan wel belangrijk om de beslissing zo bewust te nemen dat je ook de vervelende gevolgen kan accepteren. Een wijze man (lees: mijn vader) zei ooit dat het leven zonder risico niet veel waard is. En misschien heb ik deze wijze les wel erg serieus genomen. Deze wijze man kennende hoort er nog een nuance bij, die ik voor het gemak vergeten ben.
Beginnen met wedstrijdskiën was een behoorlijk risico. Een enorme investering die me misschien niet ver zou brengen. Gelukkig is dat anders gegaan, maar de gevolgen had ik voor lief genomen. Ik zou blij zijn dat ik een skicarriere had geprobeerd.

Natuurlijk bereid ik elke run voor en maak ik een plannetje hoe ik die ga aanpakken, maar er zit een risico aan dat het niet lukt. Het blijft toch altijd ff pijnlijk om zonder resultaat de wedstrijddag af te sluiten. Het resultaat ‘Did Not Finish’ (DNF) komt vaak voor in het skiën, vooral in de slalom. Een van mijn Amerikaanse concurrentes zei het laatst ook: that’s skiracing. Risico is genomen, het geluk is een andere kant op gevallen, morgen weer nieuwe kans. En tja, als ik geen risico neem, win ik sowieso niks, en dat is ook niet veel waard.

2013 IPC Alpine Skiing World ChampionshipsDonderdag – Mijn mannen…

Mijn coaches zijn mannen, de materiaalman is een man en mijn teamgenoten zijn vier mannen. Dus, als we een fysiotherapeut meenemen, moet ’t natuurlijk wel een vrouw zijn. Maar het gros van de tijd ben ik met de mannen onderweg.

Bij het skiën zijn vrouwen sowieso in de minderheid. Ook in de teams van de andere landen zitten weinig vrouwen, maar bijna altijd meer dan één. Vaak wordt er op een of andere manier wel een vrouw in de staff meegenomen.

De vrouwen die er zijn trekken natuurlijk wel naar elkaar toe. Tussen mijn concurrentes zitten leuke, aardige meiden. Dat komt goed uit. Want als het in mijn team weer eens alle voorbijkomende dames uitgebreid worden gekeurd en besproken, of simpelweg de platte praat maar blijft gaan, kan ik mijn uitweg zoeken bij de andere dames in het circuit. De platte praat en het keuren gaat dan vaak wel verder, maar dan tenminste over de rug van de heren.

Vaak krijg ik de vraag hoe is het is als enige vrouw in team te zitten. En tja, soms zou ik het wel anders willen zien. Maar het zijn lieve mannen. Ik weet zeker dat mij nergens iets zal overkomen, ze staan altijd voor me klaar. Ergens heb ik natuurlijk ook wel een voordeel. Ik zal niet zeggen dat ik word voorgetrokken, maar soms is het wel handig om vrouw te zijn in een mannenwereld. Zo worden de meeste coaches niet zo boos op een dame, als op een heer. Of als ik iets nodig heb van een materiaalman van een andere team krijg ik dat makkelijk gefixt. En daar profiteer ik natuurlijk wel van als het kan.

Kortom, iedere keer ga ik weer met veel plezier met ‘mijn mannen’ onderweg.

fotoVROUW4Woensdag – Doorzetten en winnen

Nog 37 dagen tot Sochi. Nog steeds erg bizar om te beseffen dat ik mee mag doen aan de Paralympische Spelen. Er zijn momenten dat ik terug denk aan mijn eerste meters in de sneeuw. Wie had toen gedacht dat ik ooit de mogelijkheid zou hebben om een medaille te winnen, dat ik op dit moment zo concreet aan een medaille zou denken? Waarschijnlijk niemand.

Mijn skicarrière is opgebouwd uit mogelijkheden, kleine doelen die steeds groter werden. Elke keer een stapje verder. Dat was niet altijd makkelijk: kou, vermoeidheid, vallen, falen, blessures. Ik had kunnen opgeven, maar ik bleef de kansen zien. Hoewel het wel in mijn gedachten opkwam, zorgde dat ervoor dat ik niet opgaf.

Op zulke momenten had ik twee opties: doorzetten of opgeven. Soms zijn er veel omstandigheden die me ertoe dwingen om op te geven, maar vaak had ik een keuze. Opgeven betekent het einde van het avontuur, einde van datgene wat ik wilde bereiken. Doorzetten betekent afzien, in alles leerpunten blijven zien, voor een korte tijd tevreden zijn met een nare situatie. Dat lukte alleen als ik voor ogen hield dat het ooit weer beter wordt. De positieve en optimistische houding maakt het vol te houden. Blijven zoeken naar oplossingen en uitkomsten. Soms ging het anders dan ik voor ogen had, maar een creatieve andere weg kan hetzelfde gewenste resultaat geven.

Niet alleen in de topsport heb ik zo mijn weg gevonden. In het dagelijks leven met mijn prothese ben ik ook obstakels tegengekomen. Ik heb mijn mogelijkheden uitgebuit door van alles te proberen, door te zetten en obstakels van verschillende kanten te bekijken. Zo kan ik (en dat schijnt uniek te zijn) de trap tree-voor-tree op en af lopen. Zeg maar, zoals iemand met twee benen dat doet. Maar ik kan ook mountainbiken, waterskien, zeilen (maar daar heb je eigenlijk geen benen voor nodig) en ga maar zo door.

fotoVROUW3Dinsdag – Soms lukt het even niet

Ook in het skien lukt het niet altijd. Ik heb afgelopen herfst veel trainingsdagen gekend waarbij niks lukte. In m’n hoofd skiede ik de perfecte run, ik wist precies hoe het moest, maar in de praktijk lukte het niet…

Ik zeg altijd dat het leven met een beenprothese niet zoveel beperkingen met zich meebrengt. En een groot deel van de tijd heb ik er totaal geen last van dat ik een been mis.
Ik besef dat dit wellicht ongeloofwaardig overkomt. Ik bedoel, het is niet voor niks dat een mens bedoeld is met twee benen. En als iemand met één arm mij zou vertellen dat ’t totaal niet vervelend is, zou ik het ook niet gelijk geloven. Gewoon omdat ik gewend met alles met twee armen te doen en niet zou weten hoe ik dat alles met één arm kan doen.

Maar toch is het zo. Er valt prima van alles te doen met een prothese, en doorgaans heb ik er echt geen last van. Hoe dan? Geen idee, je leert er gewoon mee leven.

Ik zeg doorgaans… soms heb ik er wel last van of loop ik tegen een beperking aan. Ik kan niet uren gaan wandelen (maar ik ben erachter dat veel mensen dat, om uiteenlopende redenen niet kunnen). Nog een voorbeeld: ik kan niet op hakken lopen. Iets waarvan vriendinnen zeggen dat ik het ook niet moet willen, maar toch, als vrouw wil je dat kunnen. Als ik op een hak kon lopen zou het zoeken naar leuke schoenen in ieder geval een stuk makkelijker zijn. Natuurlijk, er zijn afstelbare prothesevoeten, maar die vind ik niet lekker lopen. En degene die lekker lopen, zijn te duur.
Maarja, dat is dus wat niet lukt. Heel veel lukt wel, daar heb ik het morgen over.

2013 IPC Alpine Skiing World ChampionshipsMaandag – Alles op alles

In 2008 besloot ik alles op alles te zetten om zover mogelijk te komen in de skisport. In eerste instantie betekende dat veel skiën en sterk worden in de sportschool. Door de jaren heen kwamen er veel meer aspecten bij kijken.

Ik moest niet ‘gewoon’ sterk zijn, ik moest die kracht snel kunnen opbrengen, snel zijn in mijn bewegingen. Én mijn conditie moest beter om goed te herstellen tijdens het skiseizoen. Daar werk ik ’s zomers aan in Nederland, in de sportschool en op de fiets.
Naast de fysieke training heb ik deze zomer ook gewerkt aan het mentale aspect. Van doelen stellen tot gedachtebeheersing, alles heeft invloed op mijn presentaties.

Gaandeweg kom je er ook achter dat het materiaal veelbetekenend is. Dankzij mijn skisponsor, Völkl, krijg ik elk jaar weer nieuwe top ski’s! De kanten van een ski slijp ik na elke dag skiën, tijdens de wedstrijd soms zelfs na iedere run. De kanten moeten in perfecte hoek staan om goed grip te hebben. Maar… per persoon en per type sneeuw is het verschillend welke hoek perfect is. En zo kan ik lang doorgaan over de materialen die ik optimaliseer. Mijn schoen, slalombescherming, skikrukken, skibril…

In de topsport is het vanzelfsprekend dat je werkt aan alle factoren die eventueel invloed hebben op de prestaties. Maar eigenlijk is het in het dagelijks leven niet anders. Wellicht is prestatie dan niet het goede woord, maar ‘geluk’. Relaties, plezier in werk, tevreden zijn met wat je hebt en wie je bent; zomaar een paar aspecten waarvan ik denk dat ze bijdragen aan geluk. Leuk om te bedenken hoe al de aspecten kunnen bijdragen, dan hoeven we ons niet blind te staren op één aspect. Voorop staat wel dat het streven ernaar eigenlijk net zo mooi is als het geluk zelf.

fotoVROUW1Zaterdag – Even voorstellen…

Het was op een 30e  maart. Ik, Anna Jochemsen, werd geboren. Iedereen was blij, maar ongeveer 7 maanden daarvoor was het wel anders. Mijn moeder, met mij in de buik, lag door een auto-ongeluk ernstig gewond in het ziekenhuis. Een lange revalidatieperiode heeft haar weer op de been gekregen, pas later werd duidelijk wat de gevolgen voor mij waren: bij geboorte miste ik een been.

Zelf had ik er allerminst last van. Als vrolijk kindje met schattige flapoortjes, ging ik het leven vol goede moed in. Al snel kon ik mezelf optrekken en stond blij op één been. Rond mijn eerste verjaardag was het tijd voor een prothese zodat ook ik mijn eerste stapjes kon gaan zetten. En die deed ik al snel!

De flapoortjes zijn gelukkig vanzelf snel verdwenen maar nu, 28 jaar later, lach ik het leven nog steeds tegemoet. In het dagelijks leven doe alles met prothese. Maar mijn grootste passie doe ik op één been: Skiën. Zo’n 8 jaar geleden kwam ik in aanraking met wedstrijdskiën, en 5 jaar geleden heb ik besloten er alles aan te doen om zover mogelijk te komen in het skiën. Ik kwam in het Nederlands team en zo kon mijn ambitie serieus vorm krijgen. Ik heb me gekwalificeerd voor de Paralympische Spelen in maart. Het is geweldig om mee te mogen doen op hoogst haalbare podium.  Ik wil daar een medaille te halen. Tot nu toe beleef ik mijn beste seizoen ooit met een winst in de Europacup en een podiumplaats in de Worldcup.

Naast het skiën studeer ik Voeding en Gezondheid. Een studie waarmee ik ook na mijn skicarrière in de sport actief wil blijven. Komende week zal ik meer vertellen over mijn leventje, met natuurlijk de nadruk op de weg naar Sotsji.